Centrale Raad van Beroep 2015-06-01 — Bestuursrecht Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Instantie en datum — Centrale Raad van Beroep, 1 juni 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1550, zaaknummers 14/6241 AW e.v., hoger beroep. Kernvraag — Heeft de invoering van het Landelijk Functiegebouw Nationale Politie (LFNP) rechtmatig plaatsgevonden, en in het bijzonder: (1) wat is het rechtskarakter van de transponeringstabel, (2) kunnen bevoegdheidsgebreken bij de genomen besluiten worden gepasseerd op grond van art. 6:22 Awb, en (3) is toepassing van de hardheidsclausule van art. 5 lid 4 van de Regeling overgang naar een LFNP-functie in de individuele gevallen geboden? Feiten — Vier politieambtenaren zijn bij besluiten van 16 december 2013 toegewezen aan een LFNP-functie op basis van hun uitgangspositie in de referteperiode 31 december 2009 tot en met 31 december 2011 en de transponeringstabel. De bezwaren zijn in mei en juni 2014 ongegrond verklaard. Bij het besluit op bezwaar in de zaak van betrokkene 3 ontbrak een toereikende mandaatgrondslag (het besluit was genomen door de voorzitter van het college in plaats van het college); in de overige zaken was de grondslag voor mandaatverlening aan de directeur HRM tot het nemen van beslissingen op bezwaar betwist. De rechtbank heeft alle beroepen ongegrond verklaard, de bevoegdheidsgebreken gepasseerd op grond van art. 6:22 Awb en geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Overwegingen — Bevoegdheidsgebreken en art. 6:22 Awb (r.o. 4.1–5.7) Ook een bevoegdheidsgebrek kan worden gepasseerd met toepassing van art. 6:22 Awb zoals dat sin…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken