ECLI:NL:GHAMS:2024:1841

Gerechtshof Amsterdam 2024-07-02 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Amsterdam, 2 juli 2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:1841, zaaknummer 200.036.189/01, hoger beroep. Kernvraag — Is afnemer door een niet-vergund tussenpersoon geadviseerd bij het aangaan van effectenleaseovereenkomsten, en wist of behoorde Dexia dat te weten, zodat de billijkheid eist dat Dexia de schade van afnemer volledig vergoedt? Feiten — Afnemer heeft via tussenpersoon VerzekeringsAdvies Holland (ook handelend als Hypotheek Advies Groep) op 9 oktober 2002 twee Capital Effect Maandbetaling-overeenkomsten gesloten met (de rechtsvoorgangster van) Dexia, elk met een looptijd van 15 jaar (180 maanden). Beide overeenkomsten werden op 13 juni 2005 beëindigd, resulterend in eindafrekeningen van elk − € 585,53. Afnemer heeft tijdig een opt-out verklaring uitgebracht onder de WCAM-overeenkomst van 25 januari 2007. De tussenpersoon bezocht afnemer thuis, informeerde naar haar schulden, inkomen en doelstellingen (schulden aflossen en emigreren naar Suriname), en adviseerde haar vervolgens twee Capital Effect-producten van Dexia aan te gaan als geschikt middel om die doelen te realiseren, terwijl afnemer verklaarde uitsluitend geïnteresseerd te zijn in sparen en niets van beleggen af te weten. Overwegingen — Het hof verwerpt het beroep van Dexia op verjaring (r.o. 4.4). De vordering is gebaseerd op onrechtmatige daad; de verjaringstermijn van vijf jaar (art. 3:310 lid 1 BW) begon te lopen op of kort na 13 juni 2005, en de inleidende dagvaarding van 17 novembe…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken