Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2021-12-14 — Civiel recht
Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 december 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:11384, zaaknummer 200.227.195, hoger beroep. Kernvraag — Heeft Dexia haar verplichtingen volledig voldaan na betaling op grond van het hofmodel, of slaagt het beroep van [appellant] op de billijkheidscorrectie van art. 6:101 lid 1 BW vanwege verboden advisering door tussenpersoon NBG Finance, en had Dexia daarvan wetenschap? Feiten — [Appellant] heeft op 24 januari 2000 een effectenleaseovereenkomst (Capital Effect) gesloten met de rechtsvoorganger van Dexia. Bij de totstandkoming was tussenpersoon NBG Finance betrokken. NBG Finance beschikte niet over een vergunning om naast het aanbrengen van cliënten ook beleggingsadvies te verstrekken. De overeenkomst is voortijdig beëindigd op 14 februari 2005, waarna [appellant] de restschuld van € 3.138,60 heeft voldaan. Dexia heeft op 18 januari 2012 op grond van het hofmodel € 2.833,21 (inclusief wettelijke rente tot en met 31 december 2011) aan [appellant] betaald. In eerste aanleg vorderde Dexia een verklaring voor recht dat zij na betaling van € 5,42 niets meer verschuldigd is; de kantonrechter wees deze vordering toe. Overwegingen — Het hof verwerpt het beroep op verjaring en schending van de klachtplicht (r.o. 5.5). Leaseproces heeft namens [appellant] Dexia tijdig aansprakelijk gesteld bij brief van 7 augustus 2006, de verjaring is rechtsgeldig gestuit bij brief van 25 januari 2012, en ook een opt-out verklaring is omstreeks 28 februari 20…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken