ECLI:NL:HR:2016:2687

Hoge Raad 2016-11-25 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2687, zaaknummer 15/03022, cassatie. Kernvraag — Moet de reikwijdte van een sociaal plan (tevens cao) worden uitgelegd aan de hand van de CAO-norm, of laten de bijzondere omstandigheden van het geval toe dat bij die uitleg mede betekenis toekomt aan voor derden niet kenbare partijbedoelingen en niet-openbare stukken? Feiten — Ossfloor Tapijtfabrieken B.V., een dochteronderneming van Condor, reorganiseerde in mei 2010. FNV en Ossfloor sloten een Sociaal Plan (tevens cao) dat voorzag in vergoedingen voor boventallig verklaarde werknemers. Condor ondertekende het plan met de clausule dat zij zich garant stelt voor de uitvoering "indien er binnen de looptijd van dit sociaal plan zich een faillissement voordoet danwel Condor Capital BV besluit om Ossfloor, binnen de looptijd van dit sociaal plan te sluiten." Het plan had een looptijd tot en met 31 december 2015. In mei 2011 ging Ossfloor failliet; de curator zegde de arbeidsovereenkomsten van de 39 achterblijvers op. FNV c.s. vorderden dat Condor op grond van haar garantstelling de achterblijvers een vergoeding betaalt conform het Sociaal Plan. Zowel de rechtbank als het hof wezen de vorderingen van de achterblijvers (op twee na) af, omdat art. 1.2 van het Sociaal Plan de achterblijvers naar zijn tekst uitsluit van de werkingssfeer. Oordeel hof — Het hof paste de CAO-norm toe en oordeelde dat niet-openbare stukken (eerdere concepten van het Sociaal Plan en het posi…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken