ECLI:NL:RVS:2016:1630

Raad van State 2016-06-15 — Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Raad van State (Afdeling bestuursrechtspraak), 15 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1630, zaaknummer 201509454/1/V2, hoger beroep. Kernvraag — Voldoet Werkinstructie 2015/9 (WI 2015/9) van de staatssecretaris aan de eisen voor een vaste, inzichtelijke methode voor het onderzoek naar en de beoordeling van een gestelde seksuele gerichtheid als asielmotief, en is die methode in de onderhavige zaak correct toegepast? Feiten — Een Ghanese vreemdeling heeft asiel aangevraagd en daartoe gesteld dat hij is betrapt bij seksuele handelingen met een andere man. De staatssecretaris heeft het asielrelaas, waaronder de gestelde homoseksuele gerichtheid, ongeloofwaardig geacht en de aanvraag afgewezen bij besluit van 17 november 2015. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Bij eerdere uitspraak van 8 juli 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:2170) had de Afdeling al geoordeeld dat het ontbreken van een beleidsregel of vaste gedragslijn toetsing van de geloofwaardigheidsbeoordeling bij seksuele gerichtheid onmogelijk maakte. Naar aanleiding daarvan heeft de staatssecretaris WI 2015/9 vastgesteld. Overwegingen — De Afdeling behandelt eerst de grieven over WI 2015/9 in algemene zin, vanwege de betekenis voor andere zaken. Totstandkoming WI 2015/9 (r.o. 2.6–2.6.1): WI 2015/9 is tot stand gekomen op basis van wetenschappelijke literatuur van deskundigen (o.a. LaViolette, Spijkerboer/Jansen, UNHCR-richtlijnen), samenwerking met COC Nederland en EASO-trainingen. De Afdeling oordeelt dat W…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken