Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2024-11-26 — Civiel recht
Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 november 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:7324, zaaknummer 200.329.152, hoger beroep. Kernvraag — Heeft tussenpersoon Spaar Select aan [geïntimeerde] vergunningplichtig beleggingsadvies gegeven bij de totstandkoming van een effectenleaseovereenkomst met Dexia, en wist Dexia dit of behoorde zij dit te weten, zodat haar volledige vergoedingsplicht resteert? Feiten — Tussen Dexia en [geïntimeerde] is een effectenleaseovereenkomst tot stand gekomen via tussenpersoon Spaar Select, die als cliëntenremisier optrad zonder vergunning als bedoeld in art. 7 lid 1 Wte 1995. [geïntimeerde] heeft gesteld dat een met naam genoemde medewerker van Spaar Select zijn wensen en financiële situatie heeft besproken en hem vervolgens heeft geadviseerd een specifiek effectenleaseproduct van Dexia af te nemen als geschikt voor zijn situatie. De kantonrechter heeft voor recht verklaard dat Dexia niets meer aan [geïntimeerde] verschuldigd is, maar verbond hieraan de voorwaarde dat Dexia de schade van [geïntimeerde] vergoedt. Dexia heeft in hoger beroep vernietiging gevorderd en alsnog toewijzing van haar vorderingen zonder die voorwaarde. Overwegingen — Het hof stelt voorop dat een cliëntenremisier die niet beschikt over een vergunning ingevolge art. 7 lid 1 Wte 1995, weliswaar gebruik kan maken van de generieke vrijstelling van art. 12 lid 1 Vrijstellingsregeling Wte 1995 om cliënten aan te brengen, maar dat art. 41 Nadere Regeling toezicht effectenverke…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken