2003-03-28
Instantie en datum — Hoge Raad, 28 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF6486, nr. C01/257HR, cassatie. Kernvraag — Kan een werknemer die langdurig arbeidsongeschikt is en wiens dienstverband door de rechter wordt ontbonden wegens verandering van omstandigheden, aanspraak maken op een vergoeding die mede de inkomensschade tot aan de pensioengerechtigde leeftijd dekt, en welke maatstaf geldt bij de vaststelling van de ontbindingsvergoeding in dat geval? Feiten — Een werknemer is langdurig arbeidsongeschikt geraakt. De werkgever heeft de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens verandering van omstandigheden. De kantonrechter heeft de overeenkomst ontbonden en aan de werknemer een vergoeding toegekend. Het hof heeft de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd. Oordeel hof — Het hof heeft geoordeeld dat de kantonrechter bij de vaststelling van de vergoeding voldoende rekening had gehouden met de omstandigheden van het geval, waaronder de arbeidsongeschiktheid en de beperkte arbeidsmarktperspectieven van de werknemer. Het hof bekrachtigde de ontbindingsbeschikking. Overwegingen — De Hoge Raad stelt in r.o. 3.3 voorop dat de rechter bij de vaststelling van een ontbindingsvergoeding ex art. 7:685 BW over grote vrijheid beschikt; de vergoeding wordt naar billijkheid vastgesteld. De in de praktijk gehanteerde kantonrechtersformule kan daarbij als vertrekpunt dienen, maar de rechter is niet gebonden aan een vaste formule en kan alle omstandigheden van het geval m…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken