ECLI:NL:RVS:2023:2071

Raad van State 2023-05-31 — Bestuursrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Raad van State (Afdeling Bestuursrechtspraak), 31 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2071, zaaknummer 202106120/2/A3, hoger beroep. Kernvraag — Kan een woningeigenaar die zijn woning heeft verhuurd via een professioneel verhuurbedrijf als functioneel dader worden aangemerkt voor het onttrekken van die woning aan de woonruimtevoorraad, wanneer hij de overtreding niet zelf feitelijk heeft begaan? En welke toerekeningscriteria gelden daarvoor in het bestuursrecht? Feiten — Appellant is eigenaar van een woning in Amsterdam en woont sinds 2012 in het buitenland. Hij heeft een professioneel verhuurbedrijf ingeschakeld. Er stond al sinds 14 juli 2014 niemand ingeschreven in de BRP op het adres. Op 31 januari 2019 troffen gemeentelijke toezichthouders in de woning een Russische vrouw aan die verklaarde toerist te zijn en de eigenaar noch de huurder te kennen. Het college legde appellant een bestuurlijke boete op van € 20.500,- wegens overtreding van artikel 21 lid 1 onder a Hw (onttrekking aan de woonruimtevoorraad zonder vergunning). Eerdere huisbezoeken op 13 maart, 2 mei en 23 november 2018 hadden vergelijkbare bevindingen opgeleverd, maar het college had appellant daarover niet geïnformeerd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Overwegingen — De Afdeling oordeelt eerst dat het college terecht heeft geconcludeerd dat de woning niet voor permanente bewoning werd gebruikt en dus was onttrokken aan de bestemming tot bewoning (r.o. 5.1). Doorslaggevend zijn de o…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken