Raad van State 2021-05-12 — Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Instantie en datum — Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, 12 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:977, zaaknummer 201902732/1/V2, hoger beroep. Kernvraag — Is werkinstructie 2018/10 (WI 2018/10) van de staatssecretaris over de beoordeling van gestelde bekeringen een beleidswijziging ten opzichte van de vóór 5 juli 2018 geldende vaste gedragslijn, en zo nee, welke motiveringsverplichtingen gelden bij de geloofwaardigheidsbeoordeling van een gestelde bekering? Feiten — De vreemdeling, Iraans staatsburger, heeft een asielaanvraag ingediend op grond van zijn gestelde bekering tot het christendom en een politie-inval in zijn woning en werkplaats. De staatssecretaris heeft de gestelde bekering ongeloofwaardig geacht bij besluit van 26 oktober 2017. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. In hoger beroep stelt de vreemdeling onder meer dat de in de beroepsfase gepubliceerde WI 2018/10 een beleidswijziging vormt die een hernieuwde beoordeling vereist, en dat de staatssecretaris de werkinstructie in zijn geval niet correct heeft toegepast. Overwegingen — De Afdeling stelt in r.o. 5.1-5.3 vast dat WI 2018/10 op het punt van doorvragen geen beleidswijziging bevat: de nadruk op open vragen gericht op persoonlijke betekenisgeving was al in het interne informatiebericht van 1 november 2016 neergelegd. De werkinstructie benadrukt deze werkwijze nog meer, maar wijzigt haar niet inhoudelijk. De eerdere vaste gedragslijn verwachtte ook al niet dat een vreemdeling zich voorafga…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken